Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
u bevindt zich: Home > Bemesting
Bemesting
Reparatiebekalking gelijk na maishakselen

Voor alle geoogste maispercelen waarop nog geen vanggewas is ingezaaid, is het nu een gunstig moment voor een reparatiebekalking. Voor een goede werking van kalkmeststoffen is het advies namelijk deze toe te dienen in het najaar. Kalk is slecht oplosbaar en verplaatst zich daarom weinig en langzaam in de grond. Het heeft tijd nodig om z'n werk te kunnen doen. De snelste methode is na hakselen de kalk aan te brengen en vervolgens in één werkgang de stoppel en kalk in te werken en het vanggewas te zaaien. Is er sprake van storende lagen, woel dan eerst.

Calcium-ionen moeten zich binden aan het complex van organische stof en kleideeltjes om hun werk ten aanzien van structuur te kunnen doen. Daarvoor zijn 2 dingen belangrijk:
1) vroege toediening
2) menging met grond 

Kalk die alleen wordt uitgereden komt vrijwel niet tot werking. Het moet daarom gemengd worden met de grond, dus inwerken. Uit onderzoek is gebleken dat de snelheid van werking mede afhankelijk is van de mate van inwerken. Op zandgronden is mengen en inwerken uitstekend te doen door de grond meerdere malen te cultivateren (verschillende diepten). Om een bekalking optimaal te benutten moet er voorafgaand aan de volgteelt eigenlijk niet of in ieder geval niet te diep worden geploegd. Je haalt dan namelijk de dieper gelegen zuurdere grond boven die je net niet in het zaaibed wilt hebben.  

De benodigde hoeveelheid kalk is afhankelijk van het organischestofgehalte van de grond, de huidige en de gewenste pH. Voor zandgrond is, uitgaande van een bouwvoor van 25 cm, gemiddeld 150 – 200 NW (Neutraliserende Waarde) per 0,1 pH nodig. Reparatie van de pH kan met een kalkmeststof  (ca. 50% NW) of vloeibare Betacal (17% NW). Wanneer de uitgangs-pH lager is dan 5,0, is het verstandig de kalk in twee keer te geven, vóór (2/3 in het najaar) en na het ploegen (1/3 in het voorjaar). Een goede kalktoestand draagt bovendien bij aan een betere beschikbaarheid van voedingselementen en een verhoging van de bindingscapaciteit (CEC) van de grond. ​

Bron: Delphy, OCI Agro

Bemesting;
gerelateerd