Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
Organische meststoffen
Alle regels rond het uitrijden van dierlijke mest en zuiveringsslib

​​Er zijn verschillende uitrijdperioden voor dierlijke mest en zuiveringsslib. Deze zijn afhankelijk van de mestsoort, de grondsoort en of er sprake is van grasland of bouwland. Daarnaast moeten dierlijke mest en zuiveringsslib verplicht emissiearm worden aangewend op grasland, bouwland en niet-beteelde grond. De regels rond het uitrijden van dierlijke mest gelden voor mest van alle dieren, ook hobbydieren.

Uitrijdperioden
Hieronder ziet u de uitrijdperioden voor dierlijke mest en zuiveringsslib. Deze perioden zijn afhankelijk van de mestsoort, de grondsoort en of er sprake is van grasland of bouwland.

 Uitrijdperioden voor vaste mest en steekvast zuiveringsslib1
 GrondgebruikZand- en lössgrondKlei- en veengrond
Grasland1 februari - 1 september1 februari - 16 september
 Bouwland1 februari - 1 september21 januari t/m 31 december


1     De tabel geldt voor normaal steekvast zuiveringsslib. Voor stikstofarm zuiveringsslib (minder dan 70 gram N per kilo droge
stof) gelden geen uitrijdbeperkingen gedurende het jaar mits aan de volgende twee voorwaarden is voldaan: 

1. De stikstofarme zuiveringsslib is niet gemengd en is rechtstreeks door de producent, of door tussenkomst van hooguit één vervoerder, bij de gebruiker afgeleverd. 
2. Uitrijden moet op dezelfde dag plaatsvinden als aanlevering.

2     Bij aanplant van plantsoen en fruitbomen mag vaste mest en steekvast zuiveringsslib het gehele jaar worden aangewend.

 Uitrijdperioden voor drijfmest en vloeibaar zuiveringsslib 
 GrondgebruikZand- en lössgrondKlei- en veengrond
 Grasland16 februari - 1 september16 februari - 1 september
Bouwland1 februari - 1 augustus1 februari - 1 augustus
 Bouwland11 augustus - 1 september1 augustus - 1 september

1     Een verlengde uitrijdperiode van 1 augustus tot 1 september is alleen geldig als u uiterlijk 31 augustus van hetzelfde jaar een winterkoolzaad voor zaadwinning van het jaar daarop inzaait, groenbemester (vlinderbloemige en niet-vlinderbloemige) teelt of in het aansluitende najaar bollen plant. Het gezaaide of geplante gewas moet minimaal 8 weken staan voordat het vernietigd mag worden.

Emissiearm toedienen
Dierlijke mest en zuiveringsslib moeten verplicht emissiearm worden aangewend op grasland, bouwland en niet-beteelde grond.

Grasland (vaste mest en steekvast zuiveringsslib)

  • Hoeft niet emissiearm te worden aangewend. 

Bouwland met fruitteelt (vaste mest en steekvast zuiveringsslib

  • Hoeft niet emissiearm te worden aangewend als het hellingspercentage van de grond kleiner dan 7% is.

Bouwland en niet-beteelde grond (drijfmest en vloeibaar zuiveringsslib

  • In één werkgang met één machine aanbrengen en onderwerken, zodanig dat de mest niet meer zichtbaar is. 
  • Op beteeld bouwland moeten de drijfmest en het vloeibaar zuiveringsslib in de grond worden aangebracht in sleufjes van maximaal 5 cm breed.
  • Op onbeteeld bouwland moeten de drijfmest en het vloeibaar zuiveringsslib in de grond worden aangebracht in sleufjes van maximaal 5 cm breed en minimaal 5 cm diep.

Bouwland en niet-beteelde grond (vaste mest en steekvast zuiveringsslib)

  • Vaste mest en steekvast zuiveringsslib moeten in maximaal twee direct opeenvolgende werkgangen op het grondoppervlak worden aanbracht en ondergewerkt, zodanig dat de mest en het zuiveringsslib niet meer zichtbaar zijn.

Grasland (drijfmest en vloeibaar zuiveringsslib)

  • Op zand- en veengrond mogen drijfmest en vloeibaar zuiveringsslib alleen maar in de grond worden aangebracht. Gebruik van een sleepvoet is niet toegestaan.
  • Op grasland op klei- en veengrond moeten de drijfmest en het vloeibaar zuiveringsslib onmiddellijk op of in de grond worden gebracht.

Op de grond betekent in strookjes tussen het gras, waarbij het gras van tevoren wordt opgelicht of zijdelings wordt weggedrukt. De strookjes zijn maximaal 5 centimeter breed en liggen minimaal 15 centimeter uit elkaar.

Emissiearm aanwenden op de grond.jpg 

Emissiearm aanwenden op de grond


Mest in de grond betekent in sleufjes met een maximale breedte van 5 centimeter in de grond brengen.

   Emissiearm aanwenden in de grond.jpg

Emissiearm aanwenden op de grond


Onder bepaalde voorwaarden is het mogelijk vrijstelling te krijgen voor het emissiearm aanwenden van runderdrijfmest op grasland. Dit geldt voordrijfmest van runderen met diercategorie 100 (melkkoeien), 101 (vrouwelijk jongvee < 1 jaar), 102 (vrouwelijk jongvee >1 jaar), 104 (fokstieren) en 120 (zoogkoeien) die op het eigen bedrijf is geproduceerd en die wordt aangewend op grasland dat bij het eigen bedrijf in gebruik is. De mest mag niet binnen 2 meter vanaf de insteek van een watergang worden aangewend. Zie hier de verdere voorwaarden.

Bovenstaande uitzondering geldt voor een groep van ongeveer 180 veehouders​. In 2017 loopt hun vrijstelling door onder dezelfde voorwaarden als in 2016. 

Emissiearm toedienen niet verplicht bij bestrijding winderosie
Van 1 maart tot 31 mei is het, in het kader van bestrijding winderosie, op beteeld (dus ingezaaid, geplant of gepoot) bouwland op Texel en de veenkoloniale zandgrond niet verplicht runderdrijfmest emissiearm toe te dienen.

Uitrijdverbod voor besneeuwde, bevroren en waterverzadigde grond
Het is verboden om dierlijke mest uit te rijden op (gedeeltelijk) besneeuwde of bevroren grond of als de bovenste bodemlaag verzadigd is met water. Ook mag geen mest worden aangewend als de bodem wordt bevloeid, beregend of geïnfiltreerd in de periode 1 september tot en met 31 januari. Voor besneeuwde en bevroren grond geldt het verbod niet voor vaste mest op grasland waar het gebruik onderdeel is van een beheersregime.

Uitrijdverbod voor stijle hellingen
Soms zijn er omstandigheden zoals stijle hellingen, waardoor u mest en zuiveringsslib tijdens de uitrijdperiode toch niet mag gebruiken. Voor alle details zie www.rvo.nl 

Hellingspercentage > 7%  

  • Er mag geen dierlijke mest of zuiveringsslib worden gebruikt op steile hellingen als er sprake is van geulenerosie. Uitrijden mag ook niet op beteelde grond.
  • Er mag geen dierlijke mest worden gebruikt op niet-beteelde grond met een hellingspercentage van 7% of meer.

Hellingspercentage > 18% 

  • Op bouwland met een hellingspercentage van 18% of meer mag geen dierlijke mest of zuiveringsslib worden gebruikt.


Bronnen

  • Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Mest uitrijden en gebruiken. 2016
Organische meststoffen;Regelgeving;Dierlijke mest;Zuiveringsslib;
gerelateerd