Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
u bevindt zich: Home > Meststoffen > Kalkmeststoffen
Kalkmeststoffen
Het belang van bekalken

Kalk is een natuurlijke bron van calcium. De rol van calcium in de bodem is drieledig. Het dient als voedingsstof voor de wortelontwikkeling van de plant en voor de opbouw van celwanden. Daarnaast speelt calcium een belangrijke rol in de bodem. Hier verhoogt het de pH en draagt het bij aan een luchtige bodemstructuur. Vooral de invloed van calcium op de bodem-pH is erg belangrijk voor de opname van andere voedingsstoffen.

De zuurgraad van de bodem
Een belangrijke eigenschap van de bodem is de zuurgraad. De zuurgraad, oftewel de pH, is een maat voor de concentratie aan vrije waterstofionen (H+). Een hogere concentratie waterstofionen levert een zuurdere bodem op, oftewel een lagere pH-waarde. Een lagere concentratie waterstofionen resulteert in een meer basische bodem, oftewel een hogere pH-waarde.

De chemische bodemkwaliteit, de gewasgroei, de bodemstructuur én de activiteit van het bodemleven worden sterk beïnvloed door de zuurgraad. De pH bepaalt voor een groot deel hoe de nutriënten, die in de bodem aanwezig zijn, zich zullen gedragen. Zo kunnen elementen bij bepaalde pH-waarden verbindingen aangaan met andere elementen, waardoor deze niet meer door de plant kunnen worden opgenomen. Dan kan het gewas, ondanks dat er voldoende voedingsstoffen in de bodem aanwezig zijn, toch gebreksverschijnselen vertonen.

Vooral bij een lage pH (pH < 5) is de beschikbaarheid van de meeste nutriënten sterk verminderd. De plant kan dan minder opnemen met als gevolg lagere opbrengsten en kwaliteitsverlies. De meest gevoelige elementen bij een lage pH zijn stikstof, fosfaat, kali, magnesium, zwavel en calcium. Ook een hoge pH (pH > 7) beperkt de beschikbaarheid van bepaalde nutriënten. Een goed voorbeeld hiervan is mangaan.

Verbeteren van de bodemvruchtbaarheid
Onder normale omstandigheden hebben klei- en humusdeeltjes in de bodem een negatieve lading. Daardoor kunnen zij positief geladen ionen (kationen) als kalium (K+), magnesium (Mg2+) of calcium (Ca2+) aan zich binden. Dit wordt het klei-humuscomplex, het kationenadsorptiecomplex of het CEC-complex genoemd. De kationen zijn zwak gebonden aan het negatief geladen oppervlakte en kunnen via omwisselreacties in het bodemvocht terechtkomen, waar ze door planten opgenomen kunnen worden.

In een bodem met een voldoende hoge pH stelt zich een evenwicht in tussen de hoeveelheid kationen in het bodemvocht en de hoeveelheid die aan het adsorptiecomplex is gebonden. Dit evenwicht kan beïnvloed worden door een toevoeging van een zuur aan de bodem, bijvoorbeeld meststoffen, of door het bekalken van de bodem, waardoor de bodem-pH stijgt. Wanneer de bodem zuurder wordt verliest een deel van het adsorptiecomplex haar negatieve lading door de binding met waterstofionen (H+) en daarmee de capaciteit om kationen te binden.

Het toevoegen van een kalkmeststof zorgt daarentegen voor een verschuiving van de bezetting van het adsorptiecomplex met Ca, Mg en K die de plaats innemen van de H+-ionen. Deze H+-ionen reageren met de base waarmee de Ca-ionen gebonden zijn, bijvoorbeeld carbonaat (CO3-), oxide (O2-), hydroxide (O-) of silicaat (SiO32-). Onderstaande figuur geeft weer hoe de positief geladen ionen, met name Ca2+, de plaats van de H+-ionen innemen na het toedienen van een kalkmeststof.   

werking calcium CEC-complexx.JPG 

 De werking van calcium op het CEC-complex

Een optimale zuurgraad zorgt ervoor dat het klei-humuscomplex in de bodem zo groot mogelijk is. Daardoor is de bodem in staat belangrijke voedingselementen vast te leggen en op het juiste moment weer af te staan aan het bodemvocht, waardoor deze voor de plant beschikbaar komen. Een voldoende groot klei-humuscomplex zorgt daarmee voor grote chemische bodemvruchtbaarheid. 

De rol van calcium in de plant
Calcium is een belangrijke voedingsstof voor de plant. De concentratie calcium in de droge stof varieert van 1 tot 5%. Een van de belangrijkste functies van calcium is zorgen voor zogeheten calciumpectaten die een rol spelen bij de stijfheid van de celwanden en daarmee zorgen voor een stevigere plant. Daarnaast speel calcium een rol bij de celdeling en -strekking, de balans tussen zuren en basen in de plantencellen en verhoogt het de weerstand van de plant tegen ziekten, plagen en parasieten. 

Calcium wordt passief door de plant opgenomen via het bodemvocht. Het merendeel komt terecht in de delen van de plant met een hoge verdamping, zoals de bladeren en stengels. De vruchten van de plant bevatten doorgaans veel minder calcium. Een tekort aan calcium in de plant is daardoor het eerst waarneembaar in de delen van de plant met weinig verdamping, waaronder de vruchten of bloemen. 
Een overmaat van het element kalium kan de opname van calcium verminderen. Een overmaat aan calcium kan echter de opname van onder andere ijzer en magnesium belemmeren.

Het beïnvloeden van de bodemstructuur
Naast het verhogen van de pH en de rol als voedingselement, heeft calcium nog een derde belangrijke functie. In de bodem treedt calcium op als bodemverbeteraar. Dit is vooral van belang op kleigronden, die door de toediening van calcium beter bewerkbaar worden. Op leemgronden zorgt voldoende calcium ervoor dat de grond minder gevoelig wordt voor slemp. Calcium zorgt er op deze gronden voor dat de kleiplaatjes op een ruimere afstand van elkaar komen. Dat resulteert in een rullere structuur, waardoor de waterinfiltratie en de hoeveelheid lucht in de grond verbeterd wordt. De bewerkbaarheid van de bodem neemt toe en de slempgevoeligheid neemt af.

Onderstaande afbeelding geeft het verschil weer tussen een bodem met veel kalium, waarbij de kleiplaatjes dicht bij elkaar zitten, en een bodem met veel calcium, waarbij de kleiplaatjes op een ruimere afstand van elkaar zitten.

 Calcium vergroot afstand kleiplaatjes.JPG

Calcium vergroot de afstand tussen kleiplaatjes, waardoor er een
luchtigere bodemstructuur ontstaat


Onderhouds- of reparatiebekalking

In een gewone vruchtwisseling zonder neutraliserende componenten wordt de pH elk teeltseizoen een beetje lager. De grond wordt dus zuurder. Dit komt onder andere door het gebruik van organische mest, minerale meststoffen, uitspoeling, humuszuren uit plantenresten en gewasopname van basische stoffen.

Gemiddeld daalt de bodem-pH elk jaar 0,1 punt. Om dit te compenseren is er de mogelijkheid een onderhoudsbemesting of reparatiebekalking met kalkmeststoffen uit te voeren. Deze kalkmeststoffen hebben via calcium- of magnesiumverbindingen een basische werking op de bodem.

Bij onderhoudsbekalking gaat het om de hoeveelheid kalk die op jaarbasis nodig is om uitspoelingsverliezen uit de bouwvoor te compenseren. Bij reparatiebekalking kunnen grote hoeveelheden neutraliserende waarde nodig zijn, om in korte tijd de gewenste pH te bereiken.

Het advies is om in elk geval geen eenmalige gift groter dan 8.000 kg neutraliserende waarde per hectare te geven. Probeer de gift bovendien zodanig binnen het bouwplan in te passen, dat het gegeven wordt voorafgaand aan de teelt van het gewas dat hier het meest van profiteert. Kies bijvoorbeeld voor suikerbieten of graan en juist niet voor aardappelen (schurftproblematiek) of erwten.

Een op maat gesneden bekalkingsadvies kunt u zelf uitrekenen met de NutriNorm Bemestingsplanner.

Bronnen 

  • Sibelco 
  • Wierda, C. & Evers, M. (1998). Praktijkgids bemesting. NMI
  • Philipsen, A. (2013). Bekalk uw grasland. Wageningen UR
  • Puijsselaar, A. de. (1993). Informatiebulletin bemestingsadvies: de pH. Agriton
  • Deckers, S. (2009). Najaar is beste tijd voor bekalking. Bodemkundige Dienst van België
Kalkmeststoffen;Toepassing;
gerelateerd