Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
u bevindt zich: Home > Bemesting
Bemesting
Kali voor álle gewassen belangrijk

Kali speelt in vele gewassen een belangrijke rol. Het zorgt voor het transport in de plant, de waterhuishouding en de stevigheid. Zorg daarom, op basis van een gedegen grondonderzoek, voor voldoende kali. Een bodemanalyse en het daaruit volgende advies is in principe 2 jaar bruikbaar. 

Kali is op zandgronden makkelijk oplosbaar en beschikbaar voor de plant. Strooi daarom nooit een standaard hoeveelheid en denk dat het wel goed zal zijn. Juist bij een lagere toestand ga je dan de mist in. In de huidige grondonderzoeken wordt de geanalyseerde hoeveelheid kali niet langer gebaseerd op een inschatting van de bodemvoorraad via het K-getal, maar op plant beschikbare voorraad K en de capaciteit van de bodem om K na te leveren vanaf het kleihumuscomplex (CEC).

Vooral bij een lage toestand (K-getal < 11) moet er extra aandacht besteed te worden aan een voldoende grote gift. Als een gewas namelijk kaligebrek laat zien, dan is het moeilijk dit nog te herstellen. Bovendien kan er al sprake zijn van een lagere opbrengst voordat überhaupt een gebrek wordt gesignaleerd. In veel gewassen kan kort voor of na planten of zaaien nog kali gegeven worden (Kali-60 in o.a. erwten / suikerbieten / mais ). In aardappelen is de gift rond het planten afhankelijk van het ras. De meeste rassen verdragen tot 150 kg Kali-60. Voor rassen met een laag onderwatergewicht als bijvoorbeeld Agria is het advies op dat moment alleen nog chloorarme kali te geven. Bij uien is het vooral opletten voor zoutschade. Voor dit gewas is het advies kali voorafgaand aan het zaaien in te werken óf pas later te strooien.

Bron: Delphy, OCI Agro

Bemesting;K Kali;
gerelateerd