Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
u bevindt zich: Home > Bemesting > Maïs
Maïs
Fosfaatadvies voor mais

Gewasgericht fosfaatadvies maïs in kg P2O5/ha op alle grondsoorten
Datum: 1-12-2002
Pw-getal P2O5-advies bij breedwerpige bemestingP2O5-advies bij rijbemesting 
1018595
1517085
2015075
2513570
3012060
3510555
408545
457035
505530
553520
60 en hoger00

 

  1. Bij CCM/ MKS of korrelmaïs als voorvrucht kan het advies met 25 kg verlaagd worden.
  2. Fosfaat via ondergeploegde mest werkt minder effectief tijdens de jeugdgroei.
  3. De streefwaarde voor fosfaat voor maïs in continuteelt is Pw 30. Toepassing van alleen breedwerpige methoden leidt tot een hoger Pw-getal.
  4. Het fosfaat advies bij rijenbemesting is steeds de helft van het breedwerpige advies.
  5. Rijenbemesting met kunstmest of mest geeft een 2 maal betere fosfaatwerking dan volveldse toediening.
  6. Bij een bodemgericht advies kan men uitgaan van de fosfaatafvoer ( gemiddeld 60 - 70 kg) vermeerderd met ongeveer 20 kg P2O5 voor onvermijdbare verliezen.

Verder tips en opmerkingen:
 -    Bij hoge fosfaattoestand is het niet nodig om een gift toe te dienen om de bodemvruchtbaarheid in stand te houden. De bodemvruchtbaarheid is immers te hoog. 
-     De geadviseerde rijenbemesting is de fosfaatgift die op basis van de gewasreactie in het jaar van toedienen, terugverdiend wordt. Op den duur gaat hierbij echter de bodemvruchtbaarheid achteruit. Geadviseerd wordt om giften op te vullen tot onttrekking om de bodemvruchtbaarheid te handhaven. Uitgaande van een opbrengst van 16,5 ton ds per ha is dat totaal 75 kg P2O5 per ha. 
-    Om de mest goed in de bouwvoor te houden en niet erbovenop dient bij rijenbemesting met drijfmest niet meer dan
35-40 m3 per ha te worden toegediend. Doordat met relatief zware machines over geploegd land wordt gereden is op lagere en/of zwaardere gronden de kans op structuurschade aanwezig. Voorkom dat zaad in de drijfmest terechtkomt. Dit heeft een slechte opkomst tot gevolg. Door GPS is het wel mogelijk om eerst drijfmest toe te dienen en later te
zaaien met eventueel aanvullende rijenbemesting met kunstmest. 
-    Bij lage P-CaCl 2  en P-AL-getallen is het mogelijk dat het advies niet gedekt wordt door de rijenbemesting met drijfmest. Het wordt afgeraden om de rijenbemesting met drijfmest aan te vullen met fosfaatkunstmest die breedwerpig wordt toegediend omdat dit weinig effectief is bij dergelijke bemestingsniveaus (Schröder et al. 1997, van der Schoot en van Dijk 2001).  
-    Aangeraden wordt om eventuele aanvulling van drijfmest met nitraathoudende stikstofkunstmest niet tegelijkertijd te geven met de drijfmestrijenbemesting omdat daarbij grote N verliezen via denitrificatie kunnen optreden. 
-    Dien bij het gebruik van fosfaat in de vorm van een minerale meststof, deze als rijenbemesting toe. Geef niet meer dan 120 kg kunstmest uit stikstof én fosfaat in de rij om gewasschade te voorkomen. 
-    Diep ondergeploegde mest werkt onvoldoende tijdens de jeugdgroei van maïs. Daarom moet men erop letten dat de mest in de bovenste 10 cm van de bouwvoor terecht komt.

 Bron: Nutrinorm, Adviesbasis Bemesting Grasland en Voedergewassen januari 2012

Maïs;P Fosfor;Klei;Löss;Veen;Zand;
gerelateerd