Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Uitgebreid zoeken
u bevindt zich: Home > Strooien > Omgevings factoren
Omgevings factoren
Wind

Wanneer u nauwkeurig minerale meststoffen wilt strooien is het van belang dat het niet te hard waait. Bij windkracht 3 of hoger volgens de schaal van Beaufort wordt het strooien van minerale meststoffen afgeraden. Het strooien van meststoffen bij een hoge windkracht kan het strooibeeld sterk beïnvloeden met strooibanen als gevolg  In de afbeelding is de invloed van zijwind op het strooibeeld te zien bij een windkracht van 3,  volgens de schaal van Beaufort. De groene lijn weergeeft KAS. De groene lijn weergeeft Ureum gegranuleerd en de rode lijn Ureum geprilld. Er is te zien dat zijwind een negatieve invloed op het strooibeeld heeft. Niet alleen de wind, maar met name windvlagen hebben een grote invloed op het strooibeeld. De invloed van windvlagen op het strooibeeld is afhankelijk van de werkbreedte. Hoe groter de werkbreedte hoe belangrijker de invloed van windvlagen is.

 

Daarnaast is het belangrijk om te kijken naar de te strooien meststof. Sommige meststoffen zijn gevoeliger voor windvlagen dan andere. Bij het strooien van KAS is de invloed van windvlagen groter dan bij kali. Dit komt doordat kali een grotere dichtheid heeft en zo minder beïnvloedbaar is door windvlagen.
Bij het toedienen van vloeibare meststoffen met water als transportvloeistof is het advies om niet te spuiten wanneer de windsnelheid meer dan 5 m/s is. Dit wordt geadviseerd om drift zoveel mogelijk te beperken.
Bij het spuiten met straaldoppen is de invloed van wind klein.
Er zijn diverse meetinstrumenten om de windkracht en kracht van windvlagen te meten. Deze kunnen bijvoorbeeld gemeten worden met een kleine windmeter op een smartphone.

Bron:
Bouma, Agrometeorologisch specialist bij Agrometeorologisch Adviesbureau Erno Bouma, 2014.
(KAVB, 2007.
LTO Noord
Prummel & Datema.

Strooien;Omgevings factoren;Wind;
gerelateerd