De stikstofbemesting van wintertarwe
Om bij hoog productieve wintertarwerassen een voldoende hoog eiwitgehalte te krijgen, moet het gewas meer stikstof opnemen. Een hogere N-bemesting (25-50 kg N/ha) kort voor het verschijnen van de aar (stadium F 9 - 10) wordt aanbevolen.
Voorbeeld N-bemesting hoogproductieve wintertarwerassen*
| Basisgift: |
140 kg N |
|
|
| 2e gift: |
40 kg N |
(F5-6) |
Ontwikkeling van de stengel |
| 3e gift: |
60 kg N |
(F7) |
1e knop vrij en zichtbaar, 2e voelbaar |
| 4e gift: |
40 kg N |
(F9) |
Tongetje het laatste blad juist zichtbaar |
| Totaal: |
280 kg N |
|
|
Korrelopbrengst en eiwitgehalte gedragen zich vaak tegengesteld. Het eiwitgehalte is ondermeer afhankelijk van het ras en de N-bemesting.
Voor 1 ton korrels wordt 25 kg N opgenomen. 75-80% de stikstof komt in de korrel. Voor een oogst van 10 ton/ha op kleigrond met 13% eiwit moet het gewas 245 kg N opnemen (zie tabel). Geschatte stikstofopname in korrel en stro (kg N/ha):
Korrelopbrengst per hectare |
Eiwitgehalte |
| 13% |
12% |
11% |
8 ton |
197 |
181 |
164 |
9 ton |
221 |
203 |
185 |
10 ton |
246 |
226 |
205 |
11 ton |
270 |
248 |
226 |
12 ton |
295 |
271 |
247 |
* het betreft hier landbouwkundige behoefte, los van de gebruiksruimte (bijv. gebruiksnorm wintertarwe op klei = max 245kg N)